LinksSitemapContact
U bent hier:

Guy Verhofstadt: "De steun voor Kom op kan niet groot genoeg zijn"

Meer lezen

In oktober vorig jaar organiseerde premier Guy Verhofstadt een fundraisingdiner ten voordele van Kom op tegen Kanker. In één avond werd 150.000 euro ingezameld. "Kom op tegen Kanker is niet zomaar een campagne. Het is een oproep van mens tot mens, een oproep tot solidariteit. Vele duizenden patiënten rekenen op Kom op. Onze steun kan niet groot genoeg zijn."

Tekst: Bart Van Moerkerke, uit Kom op! - actiekrant van Kom op tegen Kanker - nr. 22, april 2006

Eerste minister Guy Verhofstadt is al vele jaren actief in de strijd tegen kanker. In 2001 organiseerde hij voor het eerst een fietstocht ten voordele van Kom op, een initiatief dat hij twee jaar later herhaalde. "We reden toen een proloog op de Grote Prijs Eddy Merckx. Heel wat bekende Vlamingen en vrienden waren er bij. Vorig jaar gooiden we het over een andere boeg met de organisatie van een fundraisingdiner. Die actie was zonder twijfel de meest spectaculaire. Op één avond zamelden we 150.000 euro in. Het gevoel van solidariteit was zeer groot. Velen werkten mee aan het succes van het initiatief: de sponsors van wijn en van de ingrediënten voor de maaltijd, mijn goede vriend Hugo Claus, die een schilderij ter beschikking stelde voor de veiling, en natuurlijk de meer dan 450 aanwezige bedrijfsleiders. Al die mensen samenbrengen voor één doel - middelen verzamelen voor de strijd tegen  kanker - was voor mij een zeer mooi moment."

Welke andere acties voor Kom op tegen Kanker maakten indruk op u?
"Ik herinner me vooral de campagne "Laat naar je borsten kijken". Die was tegelijkertijd spitsvondig én alarmerend. Met die campagne haalde Kom op het woord kanker uit de taboesfeer en maakte de ziekte bespreekbaar."
"Vorig jaar werd ik ook getroffen door de kracht en het enthousiasme van alle actievoerders tijdens de Fata Morgana-slotshow in Antwerpen. Duizenden mensen trotseerden de kou voor het hoogtepunt van een jaar actie voeren. Het deed deugd één van hen te mogen zijn."

Waarom steunt u Kom op?
"Eerste minister zijn heeft veel nadelen, maar ook voordelen. Eén van die voordelen is dat de functie het makkelijker maakt mensen in beweging te krijgen. Ik zie het als mijn plicht hiervan gebruik te maken voor een belangrijk doel als Kom op tegen Kanker. Iedereen die ooit met kanker geconfronteerd werd in zijn familie of vriendenkring weet dat Kom op niet zomaar een campagne is. Het is een oproep van mens tot mens, een oproep voor solidariteit en hulp. Vele duizenden kankerpatiënten rekenen op Kom op tegen Kanker. Het is vaak hun enige hoop. Kanker is een wrede en onrechtvaardige ziekte die levens, liefdes en vriendschappen verwoest. Daarom kan de steun voor Kom op niet groot genoeg zijn."

Werd u zelf al van dichtbij met kanker geconfronteerd?
"Ja, vorig jaar is mijn kabinetssecretaris Pierre aan kanker overleden. Pierre was een leeftijdsgenoot en één van mijn meest loyale medewerkers, altijd vol vitaliteit en plannen. En dat tot op het laatste moment. Eind mei stelden de dokters de diagnose, vier maanden later hebben we hem begraven. Dat bracht kanker plots zeer dichtbij. Zijn overlijden maakte me opnieuw duidelijk hoe breekbaar we zijn, hoe broos het leven is."

Heeft Kom op tegen Kanker uw levenswijze beïnvloed?
"Ik heb vorig jaar zelf ervaren hoe belangrijk een goede gezondheid is, een thema dat Kom op voortdurend aankaart. Ik heb er een les uit getrokken, ik ben meteen gestopt met roken."