3 juni 2010 - VLK-onderzoeker publiceert over werkhervatting na kanker
Het artikel van Ward Rommel verscheen in het Tijdschrift voor Sociologie (Volume 31, 2010).U kan het nummer bestellen tegen betaling (15 euro).
Ex-kankerpatiënten die het werk hervatten, hebben het vaak niet gemakkelijk. Enerzijds voelen ze de gevolgen van de ziekte zoals vermoeidheid en concentratiestoornissen. Anderzijds willen ze doorgaan met hun leven en volwaardige werknemers zijn.
Deze tegenstrijdigheden kunnen in sommige gevallen zorgen voor een mislukking van de werkhervatting. Dat blijkt uit onderzoek van Ward Rommel (VLK). Samen met co-auteur Maria Grypdonck (universiteit Gent) publiceerde hij hierover in het Tijdschrift voor Sociologie.
Het artikel is gebaseerd op een onderzoek dat Ward Rommel voor de VLK deed in 2007.
Hieronder leest u een samenvatting van het artikel.
Een aanzienlijk deel van de kankerpatiënten met een job hervat het werk na een kankerdiagnose. Maar een confrontatie met kanker zorgt nog altijd voor problemen bij de werkhervatting. Kanker doet de kans op een arbeidshandicap sterk stijgen. Werkhervatting na kanker is niet onmogelijk of uitzonderlijk, maar de behandeling en de aandoening laten wel duidelijk sporen na. Onderzoek naar de werkhervatting na kanker is dan ook relevant.
De onderzoeksnota 'Werkhervatting na kanker' van Rommel gaat na hoe mensen na een kankerdiagnose en -behandeling de werkhervatting ervaren hebben. De onderzoeksnota is gebaseerd op de analyse van interviews met 15 personen die enkele maanden voor het interview het werk hervatten na een confrontatie met kanker. Veel resultaten van dit onderzoek bevestigen de vaststellingen van eerder gebeurd kwalitatief onderzoek.De bijdrage aan het bestaande onderzoek situeert zich op drie vlakken.
Resultaten onderzoek
** Ten eerste wordt het van Oderwald (1994) geleende idee dat mensen na een ernstige ziekte in twee werelden leven toegepast in de context van de werkhervatting na een confrontatie met kanker. Voor de geïnterviewde werkhervatters is de terugkeer naar het werk na de kankerbehandeling erg belangrijk. Bij die terugkeer moeten ze rekening houden met allerlei lichamelijke, cognitieve en psychische gevolgen van de aandoening en de behandeling. De werkhervatters balanceren daardoor tussen soms tegenstrijdige doelstellingen. Zij moeten bijvoorbeeld een evenwicht vinden tussen de wens om het rustiger aan te doen en de wens om nog als volwaardige werknemer mee te spelen. Soms mislukt de werkhervatting omdat de werkhervatters er niet in slagen de twee werelden waarin ze leven, te verzoenen. Ook tegenover de werkomgeving koesteren ze tegenstrijdige verwachtingen. De respondenten verwachten hulp en begrip van de werkomgeving. Tegelijk willen ze ook dat de werkomgeving hen als een volwaardige werknemer behandelt. Maar soms heeft de geboden hulp tot gevolg dat de respondenten zich niet erkend voelen als volwaardige werknemers. Dit helpt te duiden hoe het komt dat personen die het werk hervatten tegenstrijdige gevoelens hebben tegenover hulp. Als de werkhervatter zich niet begrepen of erkend voelt, kan ook dit leiden tot een mislukte werkhervatting.
** Een tweede idee dat kan helpen om de ervaringen van de werkhervatters te begrijpen, is dat de werkhervatters de relaties met de werkomgeving in een ruilcontext zien. De werkhervatters gaan ervan uit dat ze grote inspanningen doen om weer aan het werk te gaan en verwachten van de werkomgeving een tegenprestatie, in de vorm van hulp of aanpassingen aan het werk. Als de werkhervatters vinden dat de werkomgeving die inspanningen niet doet, kan de werkhervatter hier zeer teleurgesteld op reageren.
** Een derde bijdrage van dit onderzoek is de aandacht voor de grote fysieke en psychische impact van een mislukte werkhervatting. Uiteraard loopt niet elke werkhervatting fout af. Maar als het wel mislukt of dreigt te mislukken, roept dit erg negatieve gevoelens op. De werkhervatters hebben het gevoel dat ze lichamelijk en psychisch weer een stap achteruit zetten. De respondenten staan dan voor de opdracht om een nieuwe comeback te maken. De mislukking kan tot een verschuiving van de doelstellingen leiden. Doelstellingen die voor de mislukking erg belangrijk waren, schuiven naar de achtergrond. Ze gaan op zoek naar nieuwe doelstellingen.
Onderzoek over werkhervatting na kanker moet uiteindelijk bijdragen tot een zo vlot mogelijke werkhervatting.
- Daarom is er nood aan onderzoek dat oplossingen ontwikkelt voor pijn en vermoeidheid en functionele beperkingen zoals spieratrofie, neuropathie en depressie. Onderzoek kan ook helpen om sociale of materiële hindernissen in de werkplaats weg te werken.
- Maar ook onderzoek over de ervaringen van mensen die na kanker het werk hervatten, kan bijdragen aan een vlotte werkhervatting. Zorgverstrekkers kunnen uit dit onderzoek bepaalde inzichten putten die helpen bij de begeleiding van kankerpatiënten.
Tips voor zorgverleners
De zorgverstrekkers moeten er rekening mee houden dat de werkhervatting een complex gebeuren is. Het is een proces van zoeken en afwegen, slagen of mislukken en in dat laatste geval iets anders proberen. Tijdens dit proces kunnen doelstellingen in verband met werkhervatting verschuiven.
Wat zorgverstrekkers aan de werkhervatters vertellen, is slechts één element in dit afwegingsproces. Ze kunnen het tempo of de doelstellingen van de werkhervatters dus niet volledig sturen. Het is daarom belangrijk om de eigen doelstellingen van de werkhervatters te leren kennen en te respecteren. Daarnaast moeten hulpverleners er rekening mee houden dat de werkhervatters zich in een soort Catch 22-situatie kunnen bevinden. De hulp en de aanpassingen die ze verwachten en die ze ook nodig hebben, kunnen de verwachte erkenning als volwaardige werknemer in de weg staan. De teleurstelling die verschillende respondenten voelen over de werkhervatting hangt hiermee samen. Voor zorgverstrekkers is het een uitdaging om de werkhervatters te helpen bij het omgaan met deze spanning.
